Home
Het woord 'roeping' loopt met me mee de laatste tijd. Of eigenlijk al veel langer, maar het is nu meer op de voorgrond.
Welke associaties roept het woord bij jou op?
Roeping was voor mij een oude term die vooral te maken heeft met geestelijke beroepen of officiële ambten. Inmiddels zie ik de term steeds vaker in relatie tot (persoonlijk) leiderschap. Kennelijk is het toch niet zo exclusief.
‘Een goed afscheid versterkt degene die vertrekt en verbindt degenen die blijven'
Een van de teamleden vertrekt. Gaat iets anders doen. Het is niet makkelijk geweest de laatste maanden, hij voelt dat hij niet meer anders kan dan weggaan. Ondertussen moet het team verder, er ligt een overload aan dossiers op complexe thema's. Streep eronder en door!
Hmmm… dat voelt toch niet ok. Niet voor het team en niet voor het vertrekkende teamlid.
Het team vraagt mij om een soort collectief exit-gesprek te begeleiden. Want ja, hoe noem je zoiets? Er is behoefte om zaken uit te spreken. Zelf krijgen ze dat niet goed voor elkaar, geven ze aan. En spannend is het ook.
We spreken af om een teamsessie te organiseren om enerzijds te zeggen wat er gezegd wil worden, en anderzijds goed afscheid te nemen, waardoor er ruimte ontstaat voor nieuwe stappen.
'Ik wist niet dat dít mogelijk is in een halfuur, met iemand die ik helemaal niet ken!'
De coachee verlaat de coachruimte, nog naborrelend over wat er zojuist allemaal gebeurde.
Ik blijf achter met de coach. Ik was bij het gesprek aanwezig als mentor-coach. Een voorrecht vind ik dat, iedere keer weer. Het begeleiden van coaches-in-opleiding, vaak nog zoekend naar hun stijl en aanpak, en tegelijk al zo bewust van waar ze staan en waar ze naartoe willen bewegen als coach(end leider).
Vaak gaat die gewenste beweging over van weten naar niet-weten, van adviseren naar vragen, van sturen naar partneren, van (veel) doen naar zijn. Veel leiders worden - logischerwijs - betaald om te weten en te vertellen of adviseren. Terwijl je in coaching juist de kant kiest van vragen stellen en niet-weten, en daarmee de ander uitnodigt om zelf zijn/haar ontwikkelingsstappen te ontdekken.
Je kent het vast wel, je loopt al langer te malen over een probleem of situatie en je komt er niet uit, of je merkt dat je steeds dezelfde gedachtencirkels maakt. Het leidt zelden tot een goede oplossing. Vaak is iets of iemand anders nodig om je denkpatroon te doorbreken waardoor je gemakkelijker tot nieuwe inzichten komt.
Een van de manieren om tot nieuwe inzichten te komen, is het lopen van een labyrint. Nee, een labyrint is niet hetzelfde als een doolhof. In een doolhof raak je de weg kwijt, in een labyrint vind je de weg. Volg het pad, dan kom je vanzelf bij de kern.
'Hoe werd er bij jou thuis over werk gesproken?’
Het was een van de vragen die ik stelde aan twee directeuren van een bedrijf dat zich opmaakt voor de volgende fase.
Aangekomen in Egmond. Niet aan het strand, maar bij de Abdij. Samen met Yvette Schenk begeleid ik hier de komende dagen een kloosterretraite.
Onderstaande tekst is een gedeelte uit het boek 'Het ritme van de tijden' ( Alberte van Ess & Lex Boot, pag 7-9). Als je meegaat met het Kloosterweekend van 13-15 januari 2023 in de Abdij van Egmond nodigen we je uit om dit te lezen ter voorbereiding op het thema van het weekend 'Stil uitzien naar...'
Verstilling is een van de belangrijkste aspecten op de geestelijke weg. Het brengt ons in een innerlijke grondhouding waarin we ervan afzien om zelf nog van alles te plannen, te willen, te denken en te doen. Het is een stil wachten op bewegingen van God, die zich soms een tijd lang verborgen houdt. In de cadans van de seizoenen kan de periode van de winter ons goed helpen om te oefenen in dit verstilde wachten.
Herken je dat? Zo’n vraag waarbij het stil wordt in de zaal, waarvan je voelt dat-ie ’raak’ is. Die ene vraag waar je lang over hebt nagedacht, of misschien juist helemaal niet, hij was er ineens. Of die vraag die zich in je hoofd vormt, maar die je niet stelt…. terwijl het achteraf de juiste was geweest.
Dan herken je vast ook dat het vaak lastig is om net die vraag te bedenken. Dat het zo ingewikkeld is om het gesprek met je cliënt naar een ander niveau te tillen. Je blijft in cirkeltjes draaien en houd een onbevredigend gevoel. Echt tot de kern komen blijft uit.
Het was aan het begin van de zomer, een week gevuld met teamsessies, trainingen en coachgesprekken. Zoals ik het het liefste heb. Iemand maakte in die week de opmerking: kijk nou, gisteren op slippers, nu weer je hakken aan.
En die slippers en hakken waren nog maar de helft in die week. Instappers en klompen kwamen er nog bij. En het leuke is, zo ziet een week van mij er regelmatig uit. Mijn schoenen blijken daarvoor best symbolisch. Nooit zo gerealiseerd, en toch…
ROOD coaching bestaat 5 jaar. Het eerste lustrum. Als ik terugkijk voel ik dankbaarheid en een grote glimlach. En een nieuwe fase breekt nu aan.
Herken je dat? Zo’n gesprek waarbij je echt voelt dat je de kern raakt, elkaar van hart tot hart spreekt. Waarbij je misschien zelfs een tinteling voelt of kippenvel op je arm krijgt. Dat kan mooi en open zijn, en soms is het ook rauw en eerlijk.
Je herkent dan ook vast dat die gesprekken er niet zomaar zijn. Met de een gaat het makkelijker dan met de ander. En als je je zelf rustig voelt, ontmoet je elkaar sneller op hartsniveau dan wanneer je je haast van de ene naar de andere deadline of afspraak.
Hoe zou het zijn als je je iets eigen kunt maken om meer gesprekken te voeren die teruggaan naar waar het werkelijk om draait, en echt gaan om de kern van jouw leven?
Onderstaande blog heb ik in november 2020 geschreven voor www.agrozorgwijzer.nl. Via Agrozorgwijzer verzorg ik regelmatig trainingen Signaleren en verwijzen voor erfbetreders. Erfbetreders zijn mensen die beroepsmatig bij boeren op het erf komen, denk aan agrarisch adviseurs, districtbestuurders, dierenartsen, veevoeradviseurs etc.
Je bent afdelingsbestuurder en je gaat bij een boer op bezoek om een heuglijk feit te vieren. Maar dan merk je dat er een bedrukte stemming is, het is helemaal geen feest. Verdraaid, een collega-bestuurder vertelde laatst ook zoiets….
Of je bent agrarisch adviseur en komt voor een relatiebezoek bij een boer. Je merkt frustratie en boosheid, op zo'n manier dat je nauwelijks nog kunt bespreken waar je eigenlijk voor komt. Alweer, het werk waar je zo enthousiast over bent, wordt er niet leuker op…
Twee voorbeelden die ik regelmatig hoor. Voor jou als erfbetreder kan dat lastig zijn. Jij weet precies wat er speelt in de sector, op het erf, en soms weet je iets over de persoonlijke situatie van een boer. Hoe ga je eigenlijk om met psycho-sociale of mentale zorgen of wanneer je vermoedt 'daar is meer aan de hand'.
Herinner jij je nog dat je leerde fietsen? Waar dat was, hoe je fietsje eruit zag? Ik weet het nog precies, het was op het pleintje voor ons huis. Mijn fietsje was lichtblauw en ik herinner me dat de zijwieltjes nooit helemaal gelijk waren afgesteld, zodat je een beetje scheef fietste. Zonder zijwieltjes ging het beter, toen ik eenmaal zelf mijn evenwicht kon houden.
Maar er was meer. Ons huis had een vrij lange oprit (in mijn beleving toen in ieder geval). Ik fietste vaak de oprit op en neer. Toen ik zonder zijwieltjes kon rijden, zei mijn moeder dat ik nu ook op het pleintje mocht fietsen. Ik herinner me dat ik dat spannend vond, en ik zie mezelf nog aan het eind van de oprit staan. Met het lichtblauwe fietsje. Zal ik….?
Het is inmiddels ruim 40 jaar later. En de laatste tijd denk ik regelmatig terug aan die kleuter met het fietsje op de oprit. De vraag 'zal ik….?' is zo vaak bij me opgekomen in de afgelopen maanden…
Laatst sprak ik een oud-collega die een sabbatical had genomen. Hij vertelde me hoe hij terugkeek op de maanden vóór de sabbatical: een periode waarin hij geleefd werd door deadlines. Je herkent dat misschien wel. Hij vertelde over de maanden van rust: het niets doen, de tijd die hij doorbracht in z’n eentje. En hij vertelde me over hoe hij terugkwam na de sabbatical: hoe hij zocht naar de nieuwe balans en de rust wilde vasthouden.